18 april Close encounter of the third kind ....... with a bear 

Vroeg op, maar dat begint al een gewoonte te worden. Ontbijten en weer op pad op zoek naar beren. We  begrijpen later, dat Mike zich wat zorgen maakte, omdat hij de week ervoor geen beer had gezien. Maar we moeten gewoon maar afwachten.

De lucht is wat betrokken en de weersvoorspellingen zijn niet zo best. Maar we gaan gewoon op pad en trekken weer richting Pocosin lake.

Daar spotten we een paar herten, kalkoenen, Osprey's en nog wat ander klein wild. Maar nog steeds niet die beer, die we van wat dichterbij willen zien.

Ook Mike begint zich af te vragen of het gaat lukken. Hij besluit ons mee te nemen een bos in, dat hij de huiskamer van de beren noemt. En hij laat allerlei tekenen zien, zoals schors dat  van een boom is getrokken voor het sap dat daarbij vrij komt. De nagelmerken in de boomschors. En afgebroken jonge boompjes, gewoon uit speelsigheid. Ook laat hij ons de sporen zien van beren waar hij ook weer het nodige bij vertelt. Hij klopt op holle boomstammen om te zien of daar misschien een dier en misschien zelfs een beer, vescholen ligt. En dan ziet Marja ineens iets bewegen tussen de takken verderop. En ja hoor we hebben onze eerste beer van de dag. Lijkt een redelijk jong dier, dat na korte tijd weer in de bosjes verdwijnt. We proberen met een omtrekkende beweging weer voor hem te komen. Maar dat lukt niet. We zien hem niet meer. Als we dan weer terug gaan naar onze route door het bos zie ik Marja ineens druk gebaren. Ze ziet nog een beer. Een oudere beer, die ook al vrij snel verdwijnt in de bosjes.

We vervolgen ons pad en dan komt de, zoals Mike het noemt, the once in a lifetime experience.

We zien namelijk een beer die zich tegoed doet aan blaadjes van een boom. Ze lijken hem goed te smaken. Het zijn blaadjes van nog vrij jonge boompjes. En als we voorzichtig dichterbij "sluipen" zien we hem ineens in een paar tellen in dat dunne boompje omhoog klimmen. Ongelofelijk dat dat boompje dat houdt. Zo'n beer, ook dit exemplaar, weegt toch gauw 300 kilo, schat ik in.

En dan geeft Mike aan dat we gaan proberen onder dekking van een paar bomen nog dichterbij te komen nu hij in de boom zit (die beer dan). Hij zegt dat we moeten stoppen als de beer naar ons kijkt en lopen als hij eet. Dat doen we, met als gevolg dat we af en toe in heel ongemakkelijke houdingen moeten stilstaan. Uiteindelijk staan we aardig in de buurt van de boom met de beer achter een wat dikkere boom verscholen. En daar vandaan kunnen we onze foto's maken en filmpjes. Op dat moment denken we dat dit de ultieme plaatjes worden.

Maar dan besluit de beer dat hij genoeg gegeten heeft en komt hij uit de boom klimmen. Mike zegt ons stil te blijven staan als de beer onze richting uitkomt. En dat doet hij. En op een gegeven moment vindt Mike dat het ver genoeg is en doet hij een stap naar voren. Om te laten zien dat we daar zijn. Het lijkt niet veel indruk te maken op de beer. Mike praat zachtjes op hem in en dan draait de beer langzaam naar rechts voor ons. Maar echt veel haast heeft hij niet. Dan draait hij nog eens om en klimt op een omgevallen boom en kijkt van daar naar ons allemaal. Mike maakt van de gelegenheid gebruik om met zijn I-phone op een afstand van nog geen 10 meter een foto van hem te maken.

Het hoeft geen verrassing te zijn, dat we allemaal flink wat foto's maken. Tot uiteindelijk de beer besluit toch maar weg te gaan. En wij zorgen er vervolgens voor dat er wat afstand komt tussen de beer en ons.

Wat een belevenis!!

Ook Mike is zelfs onder de indruk. Hj zegt dat hij zoiets ook nog niet eerder heeft meegemaakt. Hij baalt ervan, dat hij zijn eigen camera niet heeft meegenomen. Want intussen is ook de bewolking gebroken en hebben we de foto's met aardig wat zonneschijn kunnen maken en dat helpt.

Vol energie - toch wel van de adrenaline denk ik - lopen we weer verder door het bos. Daar zien we die andere beer ook nog even in de verte, maar die verdwijnt weer snel. Marja gaat tussendoor ook nog even op een Fire-anthill staan. Die kruipen bij haar broekspijpen omhoog.

Als toegift geeft het bos ons ook nog een Racoon, die lekker ligt te slapen hoog in een holte in een boom.


Dag 4: vrijdag 18 april - Close encounters of the third kind: part II

Na een lunchpauze in de bossen, vertrekken we naar Mattamuskeet. Een ander natuurgebied, waar volgens Mike, rondom de migratietijd 10-duizenden vogels het gebied aan doen. Maar om dat te zien moeten we nog een keer terug komen in de winter. Sparen dan maar weer.

We zien daar veel witte reigers, een Osprey, heel veel zwaluwen en een geweldig mooie Dragonfly (libelle).


We maken daar nog een korte wandeling over een plankier door een moerasbos, wat ook weer erg bijzonder is.

Dan lopen we weer naar de auto. Plotseling maakt Petra uit het niets, waarschijnlijk los gravel veronderstelt Mike, een duik bovenop haar camera. De zonnekap begeeft het, maar de camera met een dure lens erop functioneren nog. En oh ja, Petra natuurlijk ook nog. Gelukkig niets gebroken of geschaafd. Een man die komt aangeschoten helpt Petra overeind. En dan blijkt dat Mike deze man ook kent (wie kent hij niet?). Hij werkte vroeger bij Pocosin-lake en onderhield onder meer de wegen daar. Hij vertelt iets, maar wat wordt niet helemaal duidelijk met dat zuidelijke accent uit een tandeloze mond.

Als we weer in de auto zitten roept Mike ineens uit, dat hij een Grey-fox zag, maar dat die de bosjes in geschoten was. Terwijl Mike nog wat na zit te mopperen (damn, damn, damn) zie ik de vos een eindje verder weer uit de bosjes komen, die daar op zijn gemak zijn maaltje aan het zoeken is. Het beestje is zo op zijn gemak, dat het zich vrijwel niets van onze aanwezigheid aantrekt. Marja stapt aan de andere kant van de auto uit en kan een paar mooie shots van het beestje maken. Daarop is te zien dat een Grey-fox toch aardig wat heeft van zijn neefje, met best nog wel wat rood erin.

Verderop staat een boom in het water (ja die groeien hier gewoon in het water ?), waarin op alle takken zwaluwen zitten. Een fraai tafereel, waar uiteraard ook weer foto's van gemaakt moeten worden.

Terug naar het hotel en eten bij een bijzonder restaurant dat je in een plaats als Cresswell niet verwacht, eerlijk gezegd. We begijpen van Mike, die ook in dit restaurant bekend is, dat het ook niet meevalt het restaurant draaiende te houden.

Na het eten rijden we terug naar het hotel, waar Mike zijn spullen overpakt in zijn eigen auto. De weersvoorspellingen voor morgen zijn slecht, anders was hij nog een dagje gebleven. Nu rijdt hij nog dezelfde avond terug naar huis (3 - 3,5 uur).

Wij gaan naar onze kamers, waar we ontdekken dat we nog meer wildlife hebben ontdekt: TEKEN, gatver. Ik heb er een in mijn nek en Marja zelfs twee op haar been, waarvan één heel klein. En we hebben niets om ze eruit te peuteren. Dus nog maar even op weg naar een bezinestation om een pincet te scoren. Verder is er, on-amerikaans, niets open in deze plaats.

Gelukkig kunnen we daarna de beestjes verwijderen.


© MarenKo 2013